ENDURA, DE GNOSTISCHE WEG NAAR HUIS

'Gaat in door de enge poort, want wijd is de poort en breed de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die daar door ingaan'. 

Jezus bedoelde hoe smal het pad is dat we dienen te gaan!

'Want eng is de poort, en smal de weg, die ten Léven leidt, en weinigen zijn er, die hem vinden.

Mattheüs 7:13-14

Zolang je niet ontwaakt bent, heb je geen wéét dat dat pad er is; je moet dus eerst ontwaken voordat je het smalle pad opgaat, waardoor je dan ook wéét dit pad er is.

Als je eenmaal ontwaakt bent, en dat ben je als je beseft waarom je hier bent, 

als je weet dat je in de zondeval zit, dan is er de kennis om daar ook iets mee te doen. Dan ga je het ontwaken omzetten in daden, door de echte Weg naar de volmaakte kennis te lopen. Door een keuze te maken blijf je niet hangen binnen de wereld van het ego, want als je nog op díe weg vertoefd, ben je nog blootgesteld aan alles wat je 'overkomt'. Het is dan ook essentieel, dat je de aard van deze ongoddelijke wereld moet leren kennen om de weg van vrijheid werkelijk te kunnen gaan..

Het ervaringsgerichte pad van terugkeer wordt uiteindelijk ook alléén belopen. Dat is het moeilijke en het lastige van het endura; dat je er zèlf doorheen moet maar daar gaat het wel om. 

Gnosis - Het moeilijkste pad: de Weg van Vrijheid
Gnosis - Het moeilijkste pad: de Weg van Vrijheid

Als je de Weg van Vrijheid gaat,

dan gaat het over het 'uit de weg' ruimen van jezelf - je manieren en eigenaardigheden - zodat God gerealiseerd kan worden.

De Weg van Vrijheid is het moeilijkste pad dat je in het leven kan kiezen,  omdat echt en diepgaand leven van 'de Weg', vraagt dat je steeds weer het tegengestelde doet van wat je op elk moment, geneigd bent te doen.

Het gaat in tegen onze natuur: het is die subtiele neiging om ons eraan vast te klampen. Dáár gaat het om, want juist dat houdt God - vrijheid - tegen.

Uiteindelijk kom je dan bij de diepere betekenis van het 42e logion uit het Thomas-evangelie: 'Wordt voorbijgangers.' 

Op mijn blog heb ik in het artikel 'Leven als voorbijgangers' die betekenis uitgebreider uitgelegd.

Voor de verlossing van je ziel is het belangrijk om gnostisch te gaan Léven en je eigen zielswerk te doen. Gnostisch Leven betekent dat je je ego afbreekt door het Pad van Verlossing gaan. Al dat werk, dat hele proces, is de grote Weg. Met dat Léven bedoelde Jezus dat je ontwaakt bent.

Het is het Leven bìnnen de eerste schepping waar we vandaan komen, en dan zijn we terug Thuis. Gnostisch Leven houdt ook dat het eigenlijk zinloos is om binnen deze dualistische wereld steeds weer een andere richting te kiezen. Je blijft dan, hoe dan ook, rondtollen in een illusie. Het gaat erom inzicht te krijgen in de twee werelden, èn te beseffen dat wij hier niet op onze werkelijke plaats zijn. We zijn hier niet Thuis.

Om echt terug te keren naar Huis; naar de échte wereld, zou je anders moeten gaan leven dan waar je nu mee bezig bent. Ons levensdoel in déze wereld is immers niet 'gelukkig' worden. Dat kàn überhaupt niet in een onvolmaaktheid zoals we die hier kennen. Wat we wel kunnen is ons voorbereiden om naar de Goddelijke Wereld te gaan. Zulk een gnostisch Léven staat wel haaks op wat wij hier op aarde gewend zijn te doen. 

Dat vraagt om een keuze te maken voor je ziel om te stoppen met de 'geneugten' van het aardse leven. Dit, omdat je verlost wilt worden. Dat is dan een stap om de weg naar de Oorsprong te vinden; de weg naar Huis. Stap voor stap door het endura gaan om dan op te stijgen naar die andere sfeer; naar dat Koninkrijk 'dat niet van deze wereld is', zoals Jezus zei. Dat betekent dat je zèlf wat moet gaan doen om hier uit te raken. 

Van belang is te weten van het 'noodlot' en inzien dat iedere handeling die je in dualiteit uitvoert de karmische band die je nog vasthoudt, zal verstevigen.

Krishnamurti over echte vrijheid
Krishnamurti over echte vrijheid

Zoals Krishnamurti, de uit India afkomstige spirituele leraar, al zei over het scheppen van karma:

'U moet vrij worden, niet omdat ik het u vraag, maar omdat u het zelf wilt. 

Bevrijding is niet voor enkelen, voor uitverkorenen weggelegd, maar voor iedereen die ophoudt karma te scheppen. ‘Dan zult u vrij zijn', want zolang we ons vastklampen aan ons ego, ons ik-gevoel, wordt karma geschapen.

Wie het Pad van terugkeer wil gaan, moeten stoppen met het scheppen van nieuw karma. We zijn dus niet zomaar vrij van het karma dat we hebben opgebouwd. 

Jezus heeft ons dat al laten zien en vertelde ons dat al, er wordt eigenlijk niets nieuws gezegd, we zijn het alleen vergeten.

Het sleutelwoord waar alles mee begint, is: overgave.

De schrijfster Maria Hillen schreef over overgave: 


Aan de voet van de berg bevindt zicht een pad dat eerst onzichtbaar is, 

omdat het opgaat in het landschap. 

Grazige weiden en bloeiende velden begeleiden het pad. 

En de pelgrim die het pad ontdekt, 

omdat hij het zoekt begint aan een weg die vreugdevol is. 

Verwachting spreken uit de indrukken die hij krijgt als hij de berg ziet. 

Verwachtingen over de krachtmeting met het pad en de berg. 

Euforie die hem of haar buiten de werkelijkheid tilt. 

Dan begint de pelgrim onder deze euforie de bloeiende velden achter zich te laten 

en begint de eigenlijke beklimming van de berg. 

Het is een weg waar je je niet op kunt voorbereiden omdat elke stap een verrassing is. 

Deze verrassingen overkomen de pelgrim de voorbereidingen die hij wil treffen 

lopen op niets uit, want iedere keer als hij voorbereidingen getroffen heeft 

op wat hij denkt dat hem te wachten staat,

komt niet dat wat hij denkt te zullen zien maar iets totaal anders. 


Overgave is wat nodig is. 

Op een bepaald moment vraagt de weg om overgave. Dan is het endura al ingezet. Je gaat je dan minder verbonden voelen met deze wereld. Je bent dan zelfs niet meer zo van déze wereld. Hierdoor zijn de gewone, alledaagse dingen van het leven niet zo belangrijk meer. 

Het begin van deze tocht is de keuze om je te richten op de Wil van God. Daarmee laat je de neiging los om alles vanuit de persoonlijke wil te sturen, omdat juist die je niet werkelijk vrijmaakt. Zo worden de banden met de menselijke vrije wil verbroken, want die lijdt niet tot een werkelijke bevrijding. Om aan deze tocht te beginnen is een totale en onvoorwaardelijke overgave nodig: een overgave aan een kracht die sterker is dan je eigen kracht. 

Daarnaast is het je nodig dat je er van bewust wordt dat het kleine zelf uit zichzelf niets kan oplossen. Pas wanneer je alles in handen legt van de Kosmos, zal deze in beweging komen en ons werkelijk tegemoet komen. Zo zal het steeds gaan; zet jij één stap naar God, dan komt Hij jou met twee stappen tegemoet. Dat vraagt van ons dat we een keuze maken, want

'niemand kan twee heren dienen''.

Dàn worden ook de woorden van Jezus, wanneer Hij zegt: 

'Mijn koninkrijk is niet van deze wereld',

ook werkelijk verstaan. 

Volledige overgave is het erkennen dat de Goddelijke wil boven je eigen vrije wil staat, waardoor het ego stilvalt.. Met je vrije wil kies je ervoor je te voegen naar Gods wil en deze te aanvaarden. Doe je dat niet, dan is er geen overgave en blijft verlossing uit.

Om aan deze tocht te beginnen is het noodzakelijk je over te geven aan God en Zijn Weg. Overgave kan niet 'onder voorwaarde', want dan zal het gnostisch veld zich niet aan je openbaren. Juist in de Endura-fase is dit van groot belang. Volledige overgave betekent ook een volledig endura: het doorknippen van banden die je nog vasthouden. Het gaat niet om het verbreken van alle contacten, maar om het loslaten van de gehechtheden die ons binden. Dat is een onvrijheid; pas wanneer deze banden worden doorgeknipt, proef je in hoge mate wat vrijheid is. 

Om het volledig proces van ommekeer te begrijpen, is het nodig nauwkeurig te onderzoeken wie we werkelijk zijn. "Ken jezelf" is daarom de eerste vereiste op het Pad van Verlossing.

Dàt is ook wat Jezus met 'verlossing' bedoelde: 

laat alles achter - de stof, het aardse - en volg Hem, want in deze dualistische wereld kun je nooit werkelijk verlost worden. 

Ook zijn woorden:: 

'als ge niet wordt als de kinderen...' 

passen hier. 

De diepe betekenis hiervan is dat je in wezen alles vergeet wat je vroeger hebt geleerd en weer terug wordt als een onwetend kind. Pas dan kun je helemaal opnieuw beginnen met het leren van wat waar is en het doen van de juiste daden, zoals Jezus ons is komen voordoen. Hij bedoelde dat in ook letterlijk: 

'gooi alles weg en begin helemaal opnieuw'. 

Dat is gnostisch leven; alles loslaten wat je meen te weten, en beginnen de universele waarheid te verkrijgen. Niet als theorie, maar als levende ervaring. Je wordt weer als een kind, om de Goddelijke wereld binnen te kunnen gaan.

'Zonder Mij kunt ge niets doen',

zei Jezus. 

De weg naar Verlossing kan alleen gegaan worden door precies te leven zoals Hij het ons heeft voorgedaan. Deze uitspraak gaat niet over zijn ego; geen persoonlijke eer of een opgeblazen zelfbeeld, maar over de innerlijke Weg die Hij belichaamt.

Er is maar één weg naar Huis: de volledige inhoud van zijn boodschap. 

Het gaat erom die boodschap te doorgronden, niet om de boodschapper te gaan vereren, zoals de Kerk is gaan doen. Volg zíjn demonstratie en zijn aanwijzingen, en doe niet zoals Petrus en de meeste andere leerlingen. Bouw geen kerken om de boodschapper te aanbidden, maar volg de boodschappen die hij ons heeft gebracht.

Wij zijn nog niet verlost, maar op weg naar de verlossing.

Daarvoor moeten we eerst ontwaken en uiteindelijk een verlicht mens worden. Dan zijn we van ons karma bevrijd, op de erfzonde na. Het leven heeft dan ook alleen zin om karma op te lossen. Uiteindelijk worden we een verlost mens. Zonder karma is incarnatie niet langer nodig en wordt déze wereld, de tweede schepping

Het wegwerken van het karma kun je zien als een soort van inlossingsproces dat uiteindelijk tot verlossing leidt. Het is een levenslang proces dat wij zelf in beweging moeten zetten om ons ervan te bevrijden. Alleen wanneer wij de banden verbreken die ons aan de dualiteit gekluisterd houden, kunnen wij het contact herstellen met het andere Universum: met het oorspronkelijke Goddelijke Koninkrijk. 

Karma reïncarneert via de ziel mee; elke dood is daarom feitelijk een kans om verlost te worden. 

Om ware bevrijding te voelen moeten we ophouden nieuw karma te creëren. Dat begint bijvoorbeeld met het volgende:

Niet langer automatisch reageren op impulsen en ons niet laten meeslepen door de vele prikkels van buitenaf. Het gaat er niet om dat wij ons moeten verzetten of de strijd aangaan, want ook weerstand en vechten horen bij de dualiteit.

De emotionele banden die ons nog vasthouden, mogen we één voor één ontwarren en loslaten. Zo komen we vrij.

We leren onze verlangens te neutraliseren. Neutraliseren betekent hier niet onderdrukken, niet afhankelijk worden en geen ondergeschikte positie hoeven aannemen. De hunkering naar "iets" of "iemand anders", het verlangen om ergens anders te willen zijn, mag minder worden. Zulke begeerten voeren ons op een dood spoor en doen onze innerlijke bron langzaam opdrogen.

Onze gewoontes afwerpen en alles wat geen werkelijke waarde meer heeft, laten gaan. De drang naar prestige, macht, applaus, gezien worden of aardig gevonden willen worden, mag stap voor stap oplossen. Al deze aardse verlangens mogen wegvallen, zodat we de banden van gehechtheid kunnen loslaten.

We laten onze zogenaamde wijsheid los en leren verslaafde neigingen, zoals roken, drugs of alcoholgebruik, beheersen.

Ook de drang tot zelfbehoud mag langzaam wegebben.

We streven geen geld of bezit na, maar beseffen dat 'rijk worden' nooit het doel mag zijn. Niet voor niets zei Jezus: 

'Het is voor een rijke vele malen moeilijker om het Koninkrijk van God binnen te gaan, dan een kameel door het oog van de naald'. 

Met 'kameel' wordt hier een bepaalde knoop in een touw bedoeld, een soort van 'bultje' in een knoop die niet door het oog van de naald kan. Zo is het ook met bezit: zolang het jou in zijn greep houdt, kun je er niet doorheen. Een rijke 'arm van Geest' mag er dus zijn, zolang zij jou maar niet bezìt.

Leg aan je directe omgeving uit dat je in wezen voor een andere levenswandel hebt gekozen. Je naasten zijn te dierbaar om hen daarin buiten te sluiten. In dit proces worden ook familiebanden - of beter: de gehechtheid daaraan -  losgemaakt. Als mens zijn we vaak verbonden met diepgewortelde velden die we met het ego nog graag 'levend' willen houden. 

Deze banden vormen misschien wel het moeilijkste deel van het endura. Niet voor niets sprak Jezus, als het over gehechtheden gaat, over het 'zwaard'.  Want Hij zei:

Walther von der Vogelweide
Walther von der Vogelweide

'Ik ben gekomen met het zwaard'. 

Het zwaard gebruiken is het beeld voor het doorknippen van banden - of beter: de gehechtheden eraan. Het gaat om het afleggen van het ego; dàt is de ware betekenis. 

Dat sluit aan bij wat Jezus zegt in Mattheüs 10:34-36:

'Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.'

Juist dit zwaard is nodig om de zware, hardnekkige gehechtheden door te snijden die ons vastklampen aan de dualiteit. Deze woorden van Jezus staan daarom geheel in het teken van het endura.

Jezus zei ook dat Hij niet gekomen is om aardse liefde te brengen, noch om 'mooie liedjes' te komen verkondigen. Als mens zijn we zo diep in de stof weggezonken, dat dit zwaard gewoon nodig is om ons hieruit los te maken. Er is geen tussenweg, maar ook geen weg terug. Het zwaard hanteren betekent dat we onze gehechtheden doorknippen, en dat gebeurt niet door bijvoorbeeld 'in het Licht' te durven staan. 

Als wij Gnostisch gaan leven, zoals Jezus het ons heeft geleerd en gedemonstreerd, zullen wij de hulp van de gehele Kosmos ontvangen en in het bijzonder die van God. 

Die hulp toont zich op twee manieren: als de kracht om vol te houden, en als een gnostische vervulling door het ontvangen van de nodige inzichten en het ontvangen van Levende kennis.

Het verkrijgen van deze inzichten gebeurt door een onmiddellijk, tijdloos besef van 'weten', zonder echt een boodschap te horen of te zien. Je krijgt het gevoel dat je, wat je vroeg, al lang wist maar dat het nu pas tot je doordringt. In feite is dat ook zo, maar we zijn het allemaal al lang vergeten. 

Op een gegeven moment worden er ook geen verlangens meer gekoesterd naar de eerdere wijze van leven. De dingen zijn minder relevant geworden en de zoektocht in déze wereld wil beëindigd worden. In de loop van de tijd zullen we nog maar één doel in ons leven zien; proberen deze illusionaire wereld te ontstijgen, om terug te keren naar het oorspronkelijke Huis. Zeker, als je weet dat God niet geïnteresseerd is in wat wij hier in deze dualistische wereld allemaal doen, tenzij wij als ontwaakten de juiste keuzes maken. Door het pad van Jezus te gaan volgen, zal de Kosmos wel rekening met ons houden.

Wanneer wij dus zijn gelijke willen worden, één willen worden met Hem, zullen wij onze aardse interesses moeten afleggen. Zij behoren tot onze gehechtheden, waarvoor wij soms met vindingrijke uitvluchten komen om ze niet onder ogen te hoeven zien.

Het uitstellen van keuzes heeft alles te maken met het zoeken - en vinden - van uitvluchten om niet die ene, moeilijke keuze van totale overgave te hoeven maken. Het lagere zelf voedt je met argumenten waarvan je diep vanbinnen de ware aard al inziet, maar die je tegenover jezelf niet wilt toegeven en erkennen. Zo kun je jezelf bijvoorbeeld wijsmaken dat je nog niet 'klaar' bent voor het werk binnen het Goddelijk Plan.

Toch is het voor ons ego heel begrijpelijk dat het dit alles wil uitstellen: voor het ego voelt dit alsof het zelf gekruisigd wordt. Het zal dit proces daarom zo lang mogelijk willen uitstellen en ontwijken. 

Over de werkelijke betekenis van de kruisiging van Jezus heb ik uitgebreider geschreven in het artikel: 

'Jezus en de werkelijke betekenis van de kruisiging'.

Wanneer we uiteindelijk geen afleidingen meer kiezen in dingen die er niet werkelijk toe doen, wordt de ziel bevrijd. Pas dàn ervaren we wat echte Vrijheid en Waarheid is. 

Dat zijn werkelijkheden die zich niet in woorden laten vangen, omdat zij voortkomen uit een 'woordeloze' wereld: de Goddelijke Wereld.

Dankzij de onvoorwaardelijke Liefde mogen we nu al iets proeven van deze Vrijheid. Daardoor groeit het verlangen naar de uiteindelijke Verlossing alleen maar. In deze fase van het pad wil de ziel de plaats krijgen die nodig is om de Weg daadwerkelijk te kunnen gaan. 

Het is een beslissende stap, en dat gaan we ook gewaarworden, juist omdat zij alles te maken heeft met het doorknippen van de banden die ons nog vasthouden. Precies dát is onze bevrijding.

Op een gegeven moment verdwijnen de gekoesterde verlangens naar de vroegere levenswijze. De dingen van deze wereld verliezen hun belang en de zoektocht binnen deze werkelijkheid wil tot rust komen. Er blijft nog maar één innerlijk doel over: deze illusoire wereld te overstijgen en terug te keren naar het oorspronkelijke Huis. Dan wil je geen nieuwe doelen meer stellen binnen de dualiteit en trek je je terug uit de vaak dramatische wisselwerking van verlangens, afkeer en zelfbehoud.

Dat betekent dat het wereldse bestaan steeds meer naar de achtergrond verschuift. Blijft het op de voorgrond, dan kun je gemakkelijk struikelen of zelfs terugvallen. Velen die onderweg zijn, worstelen juist in deze fase van het endura. Sommige komen er niet doorheen, anderen gaan uitstellen. Men geeft het op en ziet niet meer in hoe noodzakelijk het is de banden door te snijden, juist omdat dit zo pijnlijk en moeilijk is. Het is een zwaar en lastig deel van de Weg. 

Toch zullen we die banden moeten doorknippen en ons innerlijk moeten losmaken, willen we werkelijk naar Huis kunnen terugkeren. Uitstel helpt ons niet verder; uiteindelijk sta je voor de keuze: je gaat deze Weg, of je wendt je ervan af. Wie echter volhardt, ontdekt dat achter het 'verlies' een andere werkelijkheid zichtbaar wordt: een stille, dragende kracht die je stap voor stap verder draagt, juist wanneer het eigen kunnen tekortschiet.

Het zogenaamde 'terugvallen' zien we mooi verbeeld in het verhaal van Lazarus. 

Zodra Jezus hoort dat Lazarus 'dood' is, gaat Hij direct naar hem toe. In gnostische zin gaat dit niet over het weer tot leven wekken van een lichaam, maar over het terug doen ontwaken van een afgedwaalde ziel. Lazarus is in wezen nooit gestorven; zijn 'dood' is een metafoor voor het terugvallen van een eenmaal ontwaakte mens.

Jezus heeft Lazarus opnieuw doen opstaan op het gnostisch pad!
Jezus heeft Lazarus opnieuw doen opstaan op het gnostisch pad!

Lazarus was 'dood' omdat hij van dit pad was afgedwaald. Hij was ontwaakt, maar opnieuw gevallen. In drie 'dagen' – een beeld voor een innerlijk proces – wekt Jezus hem weer tot Léven: niet als lichamelijk wonder, maar als herstel van een verdwaalde ziel. En Léven is gnostisch bedoeld: een proces dat zich in deze drie dagen voltrekt.

'Breek deze tempel af en in drie dagen weer terug'. 

Het heeft met de verrijzenis niets te maken; het wonder van Jezus heeft eerder betrekking op de vergeving der zonden dan op het tot leven wekken van de stoffelijke persoon zelf. In het Nieuwe Testament wordt verteld hoe Jezus wonderen verrichtte. Hij genas zieken en wekte zelfs doden weer tot leven. Voor de 'ingewijden', de gnostici, waren dat geen feitelijke gebeurtenissen. Het zijn geen wonderen maar symbolische beschrijvingen van het herstel als een spiritueel proces.

Jezus geneest mensen van de dwaling, van hun zelfvergetelheid: Wie zichzelf zo hervindt zal niet alleen weten wie hij is, maar ook zijn ware bestemming kennen en beseffen dat zij gekènd wordt. 

In dat hervinden van jezelf ligt de kern van gnosis: een levende, innerlijke kennis die begint als zelfkennis en uitmondt in Godskennis. De weg naar Verlossing kan ook enkel maar gebeuren door precies te doen zoals Jezus ons heeft voorgedaan. Zijn woorden 

'Zonder Mij kunt ge niets doen' en 'Ik ben de Weg, de Waarheid en het Léven' 

drukken precies dit uit: niet zijn ego; zijn persoonlijkheid staat centraal, maar de goddelijke Weg die Hij belichaamt en waardoor wij uit de illusie kunnen worden opgewekt tot waarachtig Léven.

Jezus zei: 'ik ben de Weg, de Waarheid, en het Léven'.      Gnosis
Jezus zei: 'ik ben de Weg, de Waarheid, en het Léven'. Gnosis

Met andere woorden: enkel dóór mij kan je het koninkrijk Gods bereiken', en dóór, is door het endura, dat je die weg kunt volgen. Enkel en alleen dus door dat 'systeem'.

Het eeuwige 'ik ben de Weg' 

is dat wat Hij ook voor kwam doen tot aan de eigen kruisiging. 

Dat pad vraagt wel om uitleg hóe je dat moet gaan doen! 

Jezus heeft dat onder bedekte termen gezegd; als hij het anders gezegd zou hebben was hij misschien vroegtijdig tot zwijgen gebracht. Hij moest dus een beetje opletten wat hij in het openbaar zei, want in die tijd hadden de Romeinen het nog altijd voor het zeggen. 

Al het vergankelijke, het sterfelijke in de mens moet worden ontdaan van de banden met de vergankelijke wereld. Het ego wordt gestript van al zijn gehechtheden; wordt 'gekruisigd' en gaat 'dood' naar zichzelf; het ego verdwijnt. Hoewel dit geen fysieke dood is, wordt de pijn wel degelijk gevoeld.

Na de kruisiging ebt de persoonlijkheid weg, de persoonlijkheidsbreuk.

Het is duidelijk dat deze waarheid als het ware ‘verdiend' moet worden! Zij wordt niet zomaar 'cadeau' gedaan doordat wij ons poëtisch voornemen ons hart te openen of ons in het 'Licht' te gaan staan. Daar is veel meer innerlijk werk in volharding voor nodig. Het vraagt om een diepgaand proces van overgave . De weg ernaartoe gaat dan ook verder dan 'gevoel' of 'inspiratie'. Het vraagt om een consequente, soms pijnlijke omvorming van het eigen ik, stap voor stap.

Dat hoeft en kan niet allemaal in één enkel leven voltooid worden. Daarom worden ons, dankzij de reïncarnatie, meerdere kansen gegeven. Maar wie eenmaal ontwaakt is, gaat het endura ten volle, om verlost te worden.

Deze wijsheid werd zolang de mens zich kan herinneren, onderwezen aan hen die er 'klaar' voor waren. Vandaar dat er nogal wat geheimzinigheid sluiert rond bepaalde 'Mysteriescholen', waar men deze kennis kon opdoen. Alle grote leraren – Avatars genoemd – hebben deze scholen gevolgd, zoals Jezus en Boeddha.